Voor Museum de Wieger in Deurne zijn we bezig met een heel leuk concept. In de tentoonstelling Nachtleven staat het nachtschilderij tussen 1880 en 1940 centraal. De tentoonstelling besteedt aandacht aan het feit dat nachtschilderijen uit die periode passen in een oudere kunsthistorische traditie (de virtuositeit van het verbeelden van de nacht en de effecten van licht) en aan het nachtschilderij als verhaal van de verovering van de mens op het donker van de nacht. Naast verlichte stadsgezichten in de nacht is er aandacht voor de verbeelding van het nachtleven.

Het nachtschilderij kent eind negentiende, begin twintigste eeuw een paar pioniers. Breitner beeldde de stad Amsterdam op zo’n krachtige manier bij nacht af, dat zijn werk weer een inspiratie voor andere kunstenaars vormde. Hetzelfde geldt voor kunstenaars als Jan Sluijters en Kees van Dongen, die gefascineerd waren door het uitgaansleven. Daarnaast blijkt uit enkele abstracte en realistische werken, dat de stad bij nacht ook voor deze stromingen een boeiend onderwerp vormde.